Govert Gijsbers
“We moeten klaar zijn voor Mondialisering 3.0”
Gesprek met Govert Gijsbers, Welvaart en Welzijn
Wat zijn de uitdagingen die Nederland te wachten staat?
Het allerbelangrijkste is dat Nederland een weerbare samenleving wordt. Dat vereist een sterk economisch fundament. Essentieel is de concurrentiekracht van Nederland in de toekomst. We doen het nu misschien in Europa niet zo slecht, maar voor de toekomst moeten we ambitieuzer zijn dan tevredenheid over het heden.
Waarvoor moeten we weerbaar zijn?
In de eerste plaats voor ontwikkelingen waar we geen vat op hebben. We weten bijvoorbeeld niet hoe de mondiale machtsverschuivingen gaan uitspelen, maar dat die verschuiving eraan zit te komen is onomkeerbaar. Daar moeten we klaar voor zijn. Ik noem het “Mondialisering 3.0” waarbij het zwaartepunt waarschijnlijk in Azie komt te liggen. Wat dat betekent is nog niet helder. We staren ons al een tijdje blind op die 1,2 miljard Chinese consumenten die onze spullen gaan kopen, maar misschien pakt het wel heel anders uit. China en India spelen immers volgens andere spelregels. China en India worden steeds minder afhankelijk van onze producten. Hun groei is een autonome ontwikkeling en wordt niet bepaald door onze investeringen. Dat bleek wel uit de financiële crisis. Die heeft ons heel hard geraakt, maar China en India niet. Daarom is het van belang om een visie te hebben op de binnenlandse ontwikkelingen in China. Daar treedt ook vergrijzing op. Zal daardoor arbeidskrapte ontstaan? Zullen de salarissen stijgen? Het zijn zeer complexe vraagstukken die onze economie direct beïnvloeden. We besteden bijvoorbeeld steeds meer productie en diensten uit aan China en India, maar wat gebeurt er als de salarissen daar en de brandstofprijzen mondiaal hoger oplopen. Dan wordt de uitbesteding van productie plotseling een stuk minder interessant. Dat zijn zaken die we met Strategy & Change analyseren en in context plaatsen zodat we de uitdagingen tijdig kunnen signaleren.
Wat is de grootste binnenlandse uitdaging voor Nederland?
Na versterking van de economie is dat zonder twijfel de vergrijzing. Het is de grootste demografische transitie die wij en andere landen in Europa meemaken. De structurele verschuiving tussen het aantal werkenden en niet-werkenden is uniek in de wereldgeschiedenis. De mensheid heeft dit nog nooit meegemaakt. We weten dat het eraankomt, dat het zelfs al begonnen is, en dat het enorme gevolgen zal hebben voor de inkomens, de pensioenen, de arbeidsmarkt, de vraag naar zorg, de solidariteit tussen generaties en onze verzorgingsstaat, kortom onze samenleving. Maar de vraag is natuurlijk: wat moet je ermee? Hoe moeten we in detail daarmee omgaan? Hoe houd je een vergrijzende samenleving dynamisch en innovatief. Gaat het concept van een leven lang leren ons werkelijk uit de brand helpen?
Wat is dan de oplossing voor de vergrijzing?
Er is geen oplossing voor de vergrijzing, maar de vraag is hoe we ons het slimste aanpassen. We moeten nieuwe kennis en nieuwe vaardigheden ontwikkelen zowel aan de bovenkant als de onderkant van de arbeidsmarkt, want we zullen iedere arbeidskracht nodig hebben. Hoe zorgen we ervoor dat iedereen in Nederland aan de slag kan en wil? Ook de beste kenniswerkers. Waarom komt immers 80% van de Nobelprijswinnaars uit de Verenigde Staten? En als je kijkt naar de onderkant van de arbeidsmarkt dan zie je bijvoorbeeld dat immigratie niet aanhaakt op de behoefte aan arbeid. Je ziet juist hoge werkeloosheidscijfers en lage participatie van bijvoorbeeld vrouwelijke migranten. Ook autochtone Nederlanders zie je van de ene generatie op de andere van de bijstand leven. De arbeidsparticipatie moet omhoog. Tegelijk moeten we de sociale cohesie en integratie bevorderen. Dat staat nu overal op de politieke agenda’s dus kennelijk weet iedereen nu wel wat het probleem is. Nu is de tijd om te bepalen wat we moeten doen. Wat zijn intelligente oplossingen?
Hoe maken we ons weerbaar?
Door op tijd in te haken op nieuwe ontwikkelingen en door zelf nieuwe middelen en technieken te ontwikkelen. Als klein dichtbevolkt land zouden we gedwongen moeten zijn om te innoveren. Niet alleen technologisch, maar ook maatschappelijk en institutioneel. Sta dat dan niet in de weg. We moeten minder risicomijdend zijn. De technologische trein dendert toch wel door, dus je kunt maar beter aan boord zijn en in het voorste compartiment zitten. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van genetische modificatie. Dat is in Europa nagenoeg in de ban gedaan, maar elders in de wereld maakt die enorme vooruitgang. Gen-tech is nu zo universeel dat ook de Europese consument er niet aan ontkomt. We hebben het dus niet tegen weten te houden, maar we hebben nu wel een grote achterstand op dat gebied. Datzelfde geldt mogelijk ook voor kernenergie. We dachten dat we nieuwe, soms risicovolle technologie niet nodig zouden hebben. Aan voedsel kwam toch geen gebrek getuige de melkplas en de boterberg en aan energie was ook geen tekort vanwege ons aardgas en goedkope olie. Maar dat is veranderd. De wereldbevolking en de koopkracht nemen snel toe en de consumptiepatronen veranderen. In 2040 hebben we een verdubbeling van onze voedselproductie nodig van een landbouwareaal dat juist afneemt. De productiviteit moet dus scherp omhoog. Dat lukt alleen met nieuwe technologien ook al bestaan daar bezwaren tegen.
Je moet oppassen dat je niet pas overgaat wanneer je in de achterhoede terecht bent gekomen.
Vaak is er stevig verzet vanuit de samenleving tegen nieuwe technologie, mede gevoed door wantrouwen tegen bedrijven en overheid. Een groeiend gevoel van algemeen wantrouwen onder burgers is moeilijk te doorbreken, maar moet wel heel serieus genomen worden. Daarbij gaat het er niet om de mensen nog eens goed uit te leggen waarom de toepassing van een technologie noodzakelijk is voor het algemeen belang. We moeten een andere manier vinden om met dit soort complexe zaken om te gaan!
Wat gebeurt er als we het gewoon op zijn beloop laten?
Dan zullen we onherroepelijk afdalen op de mondiale rangorde. We zullen een rentenierseconomie worden met veel minder welvaart en welzijn, misschien niet zozeer in Europa, maar in ieder geval in vergelijking met de VS. De verzorgingsstaat wordt onbetaalbaar. We zullen continu moeten bezuinigen. We moeten ons realiseren dat economische groei hoe dan ook nodig is voor welvaart en welzijn. De grote uitdaging is natuurlijk hoe je groen kan groeien, want groei staat vaak op gespannen voet met duurzaamheid.
Iedereen weet inmiddels wel dat er grote problemen op ons afkomen. Maar de aard van de problemen is vaak niet duidelijk en het gevolg is dat we in Nederland niet weten wat te doen. Dat gaan wij met Strategy & Change in kaart brengen. Wij gaan de kennis bijelkaar brengen en vertalen tot heldere visies en beleidskeuzes.